Utrechts Nieuwsblad, 17 december 1897
Bron: het Utrechts Archief

Uit Armenië

komen berichten van nieuwe Christenmoorden. Zaterdag zijn te Tokat, in het vilajet Sivas, een honderdtal Armeniërs vermoord en gedurende 8 uur was het gepeupel bezig de Armenische wijk te plunderen. De onmiddelijke aanleiding tot deze uitbarsting is niet bekend.

De gezanten hebben als gewoonlijk vertoogen tot de Porte gericht en aangedrongen op bestraffing van de schuldigen, maar daarbij blijft het. De Sultan stoort zich er niet aan, daar hij bij ervaring weet dat hij van het Europeesch concert niets te vreezen heeft.

En dat niettegenstaande de groote Mogendheden in 1878 bij het tractaat van Berlijn als 't ware hun eer hebben verpand om toezicht te houden op de hervormingen die de Sultan van Turkije zou invoeren, vooral ook ten zijner niet-Islamitische onderdanen.

Vrijheid van godsdienst en drukpers! – 't Zijn beloften geweest en niets anders. Nog steeds duren de vervolgingen der Christenen voort. De Mogendheden laden een groote verantwoordelijkheid op zich, te grooter, waar de factor: eigenbelang, bijna al haar overwegingen en daden bestuurt. Een vertoog van de gezanten helpt niets. De aanleggers van de moorden, in 1896 in Rumenië begaan, zijn nog steeds niet gestraft.

De Turksche ambtenaren weten wel, hoeveel waarde zij aan den toorn der Porte moeten hechten.

Colofon