De Telegraaf, 10 augustus 1915
Bron: Koninklijke Bibliotheek

De behandeling van de Armeniërs

Wij ontleenen het volgende aan een particulieren brief, die afkomstig is van een Armeensche familie en aan haar bloedverwanten in Europa is gericht:

"De Turksche regeering blijft haar wreed programma ten nadeele van de Armeniërs ten uitvoer brengen. Dit programma luidt: "Alle Armeniërs weg uit Armenië!"

Het Jong-Turksche comité tracht dit plan met alle kracht te volvoeren.

Niet alleen de Armeensche bevolking van de groote steden in Armenië en Cilicië, maar ook die van Constantinopel, wordt naar het binnenland van Klein-Azië verbannen. Met deze maatregelen niet voldaan, is de Turksche regeering begonnen, de geheele intellectueele Armeensche jeugd uit te roeien. Overal hoort men van Armeniërs die opgehangen, gevangengenomen of verbannen zijn.

Zoo zegt men, dat Oscar Mardikian, oud-minister van Posterijen en Telegrafie en Bedros Haladjan, oud-minister van Openbare Werken en afgevaardigde voor constantinopel, in den Bosporus verdronken zijn. Vartkess Seremdjian (afgevaardigde van Erzeroem) en Krikor Zohrab (een zeer bekend advocaat en afgevaardigde voor Constantinopel) zijn naar Diarbekir verbannen. Tal van gevangenen, die tot de Armeensche elite behooren, zijn naar het binnenland gezonden in groepjes van 4 of 5, met onbekende bestemming.

De stad Zeitoen (Cilicië) is geheel leeg. Behoudens 4 à 500 rebellen, doe zich in de bergen te weer stellen, is de geheel mannelijke bevolking naar Mesopotamië verbannen, terwijl ongeveer 500 vrouwen en kinderen naar Sultaniek bij Angorah zijn gevoerd."

Colofon