De Standaard, 2 juni 1899
Bron: Koninklijke Bibliotheek

De lezing van Prof. Tchéraz

Over de lezing die de Armenische professor de heer Minas Tchéraz in Den Haag niet mocht houden, heden allerlei berichten, die de strekking hebben de straat der Regeering schoon te vegen. Zij althans staat buiten de zaak! heet het.

Karakteristiek is dan ook een officieel stuk der Haagsche politie waaruit moet blijken dat zij slechts in dezen raadgevend en voorkomend is opgetreden.

De jongelingen moesten eens in moeilijkheden komen en een proces-verbaal krijgen, "hetgeen voor een Christelijke Vereeniging van jonge mannen minder aangenaam zou zijn".

Roerend vriendelijk. Toch had ook de schijn zelfs van pressie vermeden moeten worden.

Verder wete men dat de heer Tchéraz zich met een schrijven tot de Vredesconferentie had gewend over de Armenische gruwelen maar tot antwoord had ontvangen, dat men van de zending hem opgedragen door de Armenische Koloniën in Bulgarije. Egypte en elders, geen nota kon nemen, wijl alle politieke quaesties van de Conferentie geweerd moeten blijven.

Colofon