Nieuwe Tilburgsche Courant, 26 oktober 1915
Bron: Koninklijke Bibliotheek

Wreedheden tegen de Armeniërs

LONDEN, 25 Oct, (R, B.) Een correspondent van Reuter bij het hoofdkwartier in de Middellandsche Zee geeft een verhaal van een Armenisch krijgsgevangene over de Turksche wreedheden. Toen hij invalide in zijn woonplaats Zile, ten N.W. van Siwas terugkeerde, was hij er ooggetuige van, dat de Turken den bisschop van Siwas besloegen als een paard, toen zij hem verbanden, want, zeide de vali: "als hoofd der Armeniërs moest hij niet verplicht zijn barrevoets te gaan".

Toen de krijgsgevangene Zile bereikte, ontdekte hij, dat de autoriteiten de bevolking van 20.000 menschen in de gevangenis hadden geworpen; de mannen werden met touwen gebonden en dood, vrouwen en kinderen in de vlakte, dag en nacht aan honger en koude blootgesteld, totdat men meende, dat zij geneigd waren zich tot den Islam te bekeeren. Weigerden zij, dan werden moeders aan de bajonet geregen voor de oogen der kinderen, en deze later verkocht.

Een broeder van dezen Armeniër en hij zelf voegden zich bij het Turksche leger, toen de Turken naar angora doordrongen; overal zagen zij Turksche reservisten, op weg om zich bij het leger te voegen, die de Armeniërs doodden. In Angora werden moorden gepleegd, gelijk aan die te Zile. Die Turken vielen groepen, somtijds achthonderd man sterk, met de bajonet aan, en rukten ze letterlijk in stukken, als zij hulpeloos op den grond lagen.

Colofon