De Nieuwe Koerier, 6 januari 1928
Bron: Gemeente Archief Roermond

De lijdensweg van het Armeensche volk

Voortdurend is het christen volk van Armenië door de wreede Turken vervolgd. Sinds tientallen jaren hebben de bladen steeds bijzonderheden gemeld over het lijden der arme Armeniërs. Een diepen indruk maakten tijdens den oorlog de berichten over de pogingen der Turken om deze christen onderdanen uit te moorden.

Geen vredesverdrag en geen Volkenbond hebben daaraan iets kunnen veranderen. En sinds na den oorlog het hoogland van Anatolië in de macht der Russen kwam, is de marteling van dat volk niet geëindigd, maar begon integendeel een nieuwe lijdensperiode.

Zooals de Kath. Wereldpost ons schrijft, regeert thans in plaats van het godsdienstig fanatisme der Mahomedanen de bloedige godsdiensthaat van Moskou. De wetten, die thans zijn afgekondigd, hebben de geheele burgerlijke samenleving ten onderste boven geworpen. Geen enkele kerkelijke overheid wordt nog als zoodanig erkend; want volgens de opvatting der nieuwe machthebbers is godsdienst niet meer van dezen tijd. De kerkelijke goederen zijn in beslag genomen: alles is gemeenschappelijk bezit geworden onder beheer van de plaatselijke autoriteiten. Alleen de gebouwen van de kerkelijke gemeente van Etchmiadzin zijn voorloopig om hun historische beteekenis gespaard, omdat daar de zetel is van den oecomenischen Patriarch. Godsdienstonderricht, onverschillig of het in het openbaar of in gesloten kring gegeven wordt, is ten strengste verboden. De kruisbeelden zijn overal verwijderd: God is uit de school verdreven. Ondersteuning van de geestelijkheid onder welken vorm ook is verboden en zal streng worden gestraft.

De christenen, die ondanks de langdurige vervolgingen standvastig gebleven zijn, hebben luide geprotesteerd tegen het geweldadig optreden van deze roode terreur. Doch noch het optreden der gezamenlijke Christenen, noch dat der Bisschoppen heeft ook maar het minste resultaat gehad. Integendeel, de regeering ging nog verder. Het klooster van Elchmiadzin werd overrompeld en Bisschoppen en monniken verdreven, alles onder voorwendsel dat deze priesters een tegenrevolutie zouden beramen. Ook beweren de Bolsjewiki, dat godsdienst slechts een machtsmiddel is om de politieke macht in handen te krijgen.

Zooals overal in het gebied der sovjets dringen de berichten over den waren toestand slechts zeer zelden tot de groote wereld door, en ook dan zijn ze gewoonlijk door de autoriteiten nog in zulk een vorm gegoten, dat ze ten gunste van de bolsjewistische regeering zijn.

De christenen in Armenië lijden ontzettend veel vervolging om wille der gerechtigheid, maar zij zijn tot alles bereid, zelfs om hun leven te geven voor hun geloof.

Colofon