Leeuwarder Courant, 28 september 1896
Bron: Digitaal Archief Noord-Nederland

Gladstone's rede te Liverpool

Onder voorzitterschap van lord Derby hielden eergisteren ruim 7000 personen eene geestdriftige protestmeeting tegen de Armeensche gruwelen, welke in eene eerste resolutie krachtig werden gebrandmerk, terwijl in eene tweede de overtuiging wordt uitgesproken, dat het Britsche Kabinet alle maatregelen nemen zal, noodig om de Turksche Armeniërs voortaan te vrijwaren voor eene herhaling, waarbij de Britsche regeering rekenen kan op den hartelijken steun der Liverpoolsche burgerij.

Toen Gladstone de tweede resolutie voordroeg, begroetten den grijsaard uitbundige toejuichingen. Hij sprak ruim een uur, met zijn gewone, herhaaldelijk toegejuichte, welsprekendheid.

Gladstone zeide het woord te voeren als mensch en burger, alleen zonder partijgeest of partijsouvenirs. Spreker verklaarde zich gaarne overtuigd te houden dat de treurige toestand in Turkije niet het gevolg is van fouten of nalatigheid van de Britsche regeering. Hij ontkende dat het Britsche volk de Armeensche gruwelen brandmerkt dewijl de Armeniërs medechristenen zijn. Deze kruistocht is geen kruistocht tegen de Moslemin, maar een kruistocht tegen de Turksche Mohammedanen. Spreker erkende dat edelmoedige muzelmannen deze gruwelen met alle macht bestreden, maar het Britsche volk zoude die rechtmatiglijk mede brandmerken als de slachtoffers Mohammedanen of Hindoes waren. Deze Britsche volksbeweging berust op den zuiveren grondslag der menschelijkheid en ontleent hare kracht niet langer aan geruchten, door onruststokers verspreid, doch aan geloofwaardige ambtelijke berichten. Thans, evenals in 1876, zijn de gepleegde gruwelen het uitvloeisel van het Turksche regeeringsbeleid; alleen maakt nu de Turksche regeering hare schuld aan de moorden erger door snoode loochening daarvan, hetgeen zal voortduren zoolang Europa dit duldt. Spreker omschreef het doel dezer meeting als verwerend en toekomstig. Zij beoogt wraakneming noch vergelding, maar het nemen van maatregelen om eene herhaling der gruwelen, gelijk ieder die tegemoet ziet, zoo mogelijk te verhinderen.

Aan het slot zijner rede zeide Gladstone, te vertrouwen dat de stem van het Engelsche volk de diplomatieke zwakheden te Konstantinopel zal vervangen. Hij geeselde die zwakheden als onwaardig geknutsel, als een waardeloozen oorlog op het papier. Die verklaring der diplomaten aan den Sultan dat deze Europa tegen zich zoude krijgen als de gruwelen aanhielden, geleek op eene aanmoediging om daarmede voort te gaan totdat alle Armeniërs verdelgd waren, hetgeen de bedoeling is. Spreker noemde het samengaan der groote mogendheden eene nuttige, goede en machtige combinatie, doch hare uitkomsten in de Turksche crisis waren niet gelukkig. Zeker werkt de aanwezigheid der gezanten van de groote mogendheden te Konstantinopel tegenwoordig als een steun voor den Sultan.

Hij is onze bondgenoot, en moet als bondgenoot bejegend worden. Spreker achtte het oogenblik gekomen dat Engeland zelfstandig moet optreden. Men zeide dat dit gelijkstaan zou met den oorlog tegen Europa, doch dit kan spr. niet toestemmen. In elk geval is Engeland bevoegd en gerechtigd zelfstandig te oordeelen en daarna op te treden zonder, zijne rechten en verplichtingen verzakend, eenvoudig de nederige slaaf te worden van andere mogendheden met allicht afwijkende inzichten en belangen (daverende bijval). Dat was de manier niet om haren eerbied en hare medewerking te verwerven. De verbreking der vroegere beloften door de Porte geeft Engeland het recht Turkije met dwangmaatregelen te dreigen, bijaldien andere maatregelen falen en andere mogendheden weigeren mede te werken. Doch de aankondiging van dwangmaatregelen staat geenszins gelijk met eene oorlogsverklaring.

Vooreerst behoort Engeland den Britschen gezant te Konstantinopel terug te roepen en den Turkschen gezant te Londen naar huis te zenden. Ook dat zal geen oorlog uitlokken (toejuiching en gelach), want verbreking van de diplomatieke betrekkingen gebeurt tegenwoordig dikwerf. Deze verbreking zoude Engeland vrijmaken en Engeland's verantwoordelijkheid voor de gebeurtenissen in Turkije wegnemen. Mocht ook dit middel falen, dan behoorde Engeland den Sultan te verwittigen dat het voornemens was zijne rechtmatige vorderingen desnoods met geweld door te zetten. Gladstone verklaarde geen oogenblik te gelooven dat de Sultan daaraan weerstand zou bieden of dat eenige mogendheid hem tegen Engeland zou steunen om de voortzetting der gruwelen mogelijk te maken, welke afgrijselijker zijn dan ooit in de geschiedenis werden geboekstaafd. Spreker eindigde met te zinspelen op het heugelijk feest der Koningin en met te verklaren dat het besluit van deze meeting te Liverpool niet strekken zal om den glans van hare regeering te dooven, maar eerder om hem op te luisteren. (Langdurige, daverende bijval).

Een spreker zeide dat het hier gesprokene weerklank zoude vinden in het paleis van den Sultan te Constantinopel. Hij vertrouwde hierop, vooral ook omdat hij overtuigd was, dat in datzelfde paleis onder de oogen van de gezanten der groote mogendheden de gruwelijke daden werden beraamd en geleid, maar de snoode en afschuwelijke moorddaden te Constantinopel achtte hij nog minder gedrochtelijk dan de gruwelen in Armenië, want hier was enkel moord, daar gingen moord en roof en folteringen en verkrachting en allerhelschte misdaden en onmenschelijke snoodheid samen.

Colofon