De Tijd, 7 december 1881
Bron: Koninklijke Bibliotheek

Buitenland

De oostenrijksche Kanselier, graaf Kalnoky, bevindt zich nog te St-Petersburg, maar zal over Berlijn naar Weenen terugkeeren en op zijn doortocht een gewichtig onderhoud met prins Bismarck hebben. Te St-Petersburg, zegt men, zal hij in het bijzonder onderhandelen over de Armenische Quaestie, opzichtens welke zoowel door Oostenrijk als door de Porte nieuwe voorstellen gedaan zijn. 't Is de vraag, in hoe ver die voorstellen zich aansluiten bij de eischen van den engelschen ambassadeur te Constantinopel, lord Dufferin, die, gelijk men weet, sinds lang op doortastende hervormingen in Armenië heeft aangedrongen. In Febr., als het engelsche Parlement zal heropend wezen, verwacht men, dat lord Granville en sir Charles Dilke niet enkel de diplomatieke stukken betreffende Egypte, maar ook alle documenten en bescheiden aangaande Armenië zullen overleggen.

Colofon