De Tijd, 19 november 1891
Bron: Koninklijke Bibliotheek

Buitenland

Uit Batoem, op de russisch-turksche grens in Klein-Azië, wordt aan den Standard gemeld dat de Koerden weder begonnen zijn armenische meisjes uit den omtrek van Sivas te ontvoeren. Verwanten en vrienden der aldus geschaakten, die daaraan openbaarheid wilden geven, begaven zich naar Konstantinopel, doch werden daar gevangen genomen, onder beschuldiging van dreigbrieven te hebben geschreven aan den armenischen patriarch.

Hetzelfde blad verneemt uit Koestendje dat hardnekkig aanhoudende oorlogsgeruchten een uittocht van de muzelmannen uit de Dobroetsja veroorzaken. Duizenden trekken heen, vooral naar Constantinopel, ofschoon Rumenië en Bulgarije al het mogelijke doen om hen tegen te houden.

Colofon