Het Centrum, 15 mei 1913
Bron: Koninklijke Bibliotheek

Buitenland - Algemeen overzicht

De Armenische patriarch en andere godsdienstige en wereldlijke vertegenwoordigers der Armeniërs hebben aan de regeering te Constinopel een memorie overhandigd, waarin zij de aandacht der regeering trekken op den toestand in Armenië en waarin zij tevens de bescherming der Turksche regeering inroepen tegenover de wandaden van Koerden en Muzelmannen.

Blijkens nadere inlichtingen uit Armenische bron heeft de patriarch Archaroeni verklaard, dat alle leden van het patriarchaat zijn blootgesteld aan het gevaar vermoord te worden. De regeering neemt daartegen geen maatregelen.

Andere leden der afvaardiging verweten den groot-vizier de houding der overheid en de uitingen der Turksche pers.

De groot-vizier moet daarop hebben geantwoord, dat slechts één blad, welke redacteurs onopgevoede menschen zijn, zich aan ophitsende uitingen heeft schuldig gemaakt. De groot-vizier zegde te betreuren, dat de patriarch aan de gezanten verslagen heeft gezonden over de gebeurtenissen in Armenië.

De patriarch antwoordde, dat de Armeniërs, ziende dat de Turksche regeering hun geen bescherming verleende, niet anders kon handelen, dan zich te wenden tot de Europeesche regeeringen. Verder moet de Patriarch hebben gezegd te vreezen, dat geen Armeniër deel zal willen uitmaken van de buitengewone commissie, die de hervormingen zal moeten verwezenlijken, indien het ontwerp der regeering geen afdoende hervormingen waarborgt.

Dus nu zal Klein-Azië de inzet worden van de groote worsteling...

Colofon