Het Centrum, 12 februari 1918
Bron: Koninklijke Bibliotheek

Een noodlottigen cirkelgang

dreigen de zaken in Armenië te nemen. Een "bende" Armeniërs – zoo vertelt het officieele Turksche telegraafagentschap – van 2000 man heeft de stad Pulathan genomen en alle Mohammedanen daar op gruwelijke manier vermoord. Ook de lijken werden nog op barbaarsche wijze verminkt. Aldus het Turksch bericht. En er komen er nog meer van dien aard.

Laten we aannemen dat het volkomen waarheid bevat. Dan moeten we echter ook als waarheid aanvaarden, wat in den loop van den oorlog uit goede bron werd vermeld over gruwelen, door de Turken tegen de Armeniërs begaan.

Zoo is er het rapport van het Amerikaansche hulpcomité voor Armenië en Syrië (New York, 5the Avenue 70). De auteur is niet een Amerikaan, maar behoort tot een neutraal land. Hij heeft de concentratiekampen aan den Euphraat, van Meskene af tot Der el Zor toe, bereisd en beschrijft wat hij zelf heeft aanschouwd. Dr. James L. Barton, president van het Amerikaansch Comité, verklaart, dat er geen sprake van kan zijn, de vertrouwbaarheid van het bericht en de stipte eerlijkheid van den berichtgever te betwijfelen.

"Wat nog over is van de Armeensche bevolking, die men naar de boorden van den Euphraat gezonden heeft, bepaalt zich tot grijsaards, vrouwen en kinderen. De jonge meisjes, vaak nog kinderen, zijn de buit geworden van de Mohammedanen. Op de lange tochten naar het einddoel van haar verplaatsing heeft men haar versleept, bij elke gelegenheid geweld aangedaan, en, wanneer ze niet reeds door de gendarmen, die de doodskaravanen begeleiden, omgebracht waren, eindelijk verkocht. Vele zijn door hare roovers naar de slavernij in de harems overgebracht. De mannen van middelbaren leeftijd en de jonge mannen zijn afgemaakt; een overblijfsel werd over "de wegen ingedeeld om steenen te kloppen"...

Te Meskene zijn 60.000 Armeniërs begraven; omgekomen tengevolge van honger, ontberingen, dissenterie en typhus. Zoover het oog reikt ziet men heuvels, Elke waarvan 200 à 300 lijken bevat, vrouwen, grijsaards, kinderen, alles door elkander. Thans zijn er nog 4400 Armeniërs opeengepakt tusschen Meskene en de Euphraat. 't Zijn slechts levende geraamten. Meermalen ontvangen zij in drie of vier dagen in het geheel geen voedsel, en overigens dagelijks slechts een klein stuk brood. Een verschrikkelijke dissenterie woedt vooral onder de kleinen. Deze ongelukkigen wezens werpen zich, om hun honger te stillen, op alles wat zij vinden; zij eten gras, aarde, zelfs excrementen. Ik zag een tent, van 5 à 6 vierkante meters, waarin zich ongeveer 450 weezen bevonden, bezig om te verhongeren. Deze ongelukkigen zouden dagelijks 150 gram brood bekomen, maar dikwijls laat men hen twee of drie dagen zonder voedsel.

En zoo citeert de Ned nog meer. De Bond van Neutrale landen heeft een onderzoek ingesteld in zake de vervolgingen, waaraan de verschillende nationaliteiten, die zich nog onder Turksche heerschappij bevinden, van de zijde van der Ottomaansche autoriteiten, blootstaan.

Het hoofdbestuur van den Bond heeft bevonden: dat meer dan 200,000 personen in Klein-Azië, met geweld aan hun haardsteden zijn ontrukt en gedeporteerd naar Anatolië om te worden ingelijfd bij formaties, welke den naam dragen van "werkbataljons", waar zij als eenig loon slechts brood ontvangen en blootgesteld zijn aan ergelijke mishandelingen; dat de bewoners, die weerstand bieden, tot hongersnood worden gebracht of uitgeroeid door benden, die het land afloopen, terwijl moord en diefstal, verkrachtingen, willekeurige gevangenzettingen aan de orde van de dag zijn.

Tegen deze schending der goddelijke en menschelijke wetten hebben de Staten, wier bevolking met de slachtoffers verwant is, bij de keizerlijke Turksche regeering geprotesteerd. Z. Exc. de grootvizier heeft oa. den Griekschen gezant 27 Maart 1917 geantwoord, dat de deportaties uitdrukkelijk geëischt waren door den opperbevelhebber Liman von Sanders en dat "de Turksche regeering had moeten toegeven aan de eischen en bedreigingen van den generaal", die had verklaard, dat hij "zonder dezen maatregelen niet instond voor de veiligheid van het leger."

Als de Armeniërs zich thans op hun Mohammedaansche beulen hebben gewroken, is dat niet goed te keuren, maar wel te begrijpen.

Maar nu dreigt het gevaar, dat de Turken, gesteund door de Duitschers, weer "maatregelen" nemen van hun kant...

En het telegram uit Constantinopel dient blijkbaar als inleiding daartoe.

Colofon