Algemeen Handelsblad, 9 juni 1904
Bron: Koninklijke Bibliotheek

Buitenlandsch overzicht

Sir Nicholas O'Conor, de Britsche gezant te Konstantinopel, had gisteren een langdurig onderhoud met den Groot-vizier, waarin hij krachtig aandrong op de onmiddellijke staking van de gewapende "bestraffing der Armeniers" – zooals het optreden der Turksche troepen wordt genoemd, die naar de meening van Sir Nicholas moorden, branden, plunderen en de dorpen in het district Sassoen vernielen. Hij drong aan op het nemen van maatregelen om orde, rust en vertrouwen te herstellen, om amnestie te schenken, en om degenen, die geleden hebben door het optreden der troepen te helpen en te steunen.

De Grootvizier beantwoordde het verzoek van den Britschen gezant op de vriendelijkste wijze. Hij zette uiteen, dat de onlusten in Armenië veroorzaakt worden, door een vier- of vijfhonderd revolutionnairen uit den Kaukasus, die de Armeniërs gedwongen hadden zich bij hen aan te sluiten. Die beweging, zeide hij, was thans onderdrukt, de opstandelingen waren uiteen gedreven en hij had bevelen gegeven om verdere bloedstorting te staken en den Koerden te beletten, zich met de quaestie te bemoeien. In de laatste dagen waren meer dan 200 Armeniërs, die gevlucht waren naar het gebergte, onder bescherming der verleende amnestie naar Moesj teruggekeerd.

Hoe veel waarde is aan deze verklaringen van den Grootvizier te hechten?

Het volgende telegram geeft een staaltje van de wijze waarop de Turken, ook nog in de laatste dagen in Moesj en Sassoen optraden:

"GENÈVE, 9 Juni. (Part. Telegr. v.d. Frankf. Ztg.) Een bericht uit Armenië ontvangen zegt: Na een bombardement dat eenige dagen duurde, en een gevecht waarbij de Armeniërs verbitterden tegenstand boden, werd het stadjs Gueligouzan bij Sassoen, waarheen de Armenische bevolking van 45 door brand verwoeste dorpen gevlucht was, door de Turksche troepen genomen. De opstandelingen, onder leiding van Andranik, vluchtten strijdend naar de hoogten van Talvorik. Duizenden vrouwen, kinderen en grijsaards, die niet mee konden, werden door de Turken zonder erbarmig vermoord. Talvorik wordt beschoten. De ingesloten opstandelingen bieden hardnekkigen tegenstand. De geheele streek van Moesj wordt, ondanks de aanwezigheid der consuls, geterroriseerd."

Als de Turksche regeering hierdoor rust, orde en vertrouwen bij de Armeniërs denkt te herstellen, als dit de opvatting der amnestie is, dan zal de opstand in Armenië nog wel eenigen tijd duren.

Colofon