Algemeen Handelsblad, 31 mei 1899
Bron: Koninklijke Bibliotheek

Een afgezant van het ongelukkig Armenië

De "Daily News" bevat het volgende belangrijke bericht van zijn Haagschen correspondent, dat wij woordelijk overnemen.

"De heer Minaz Tcheraz, de welbekende Armenische schrijver, die aanspraak kan maken de tolk te zijn van de geheele Armenische bevolking, en van de comités van Armeniërs over geheel Europa, Egypte, enz., en door hen naar Den Haag gezonden, heeft gisteren een gesprek met mij gehad. Hij kwam, daar ben ik zeker van, met geen illusies, en hij zal vertrekken zonder teleurstelstelling."

"De heer Tcheraz, die in Den Haag is gekomen met behoorlijke volmachten van de Armenische lichamen in Europa, had zijn toevlucht tot een krijgslist genomen, om het Armenische verzoekschrift aan Baron de Staal aan te bieden, daar een officieele nota verscheidene dagen vroeger was gepubliceerd, dat geen verzoekschrift door den voorzitter der conferentie zou worden aangenomen. Tcheraz huurde het netste coupétje dat in Den Haag te krijgen was en met de commandeursorde van Bolivar op de borst reed hij naar het Huis ten Bosch op den openingsdag. Hij werd bij den ingang aangehouden, doch hij vertoonde een groote enveloppe aan de soldaten, die salueerden en hem door lieten gaan. Het rijtuig reed tot den trap der gezanten. De heer Tcheraz wandelde naar boven en overhandigde een enveloppe aan een bediende, met de bijvoeging, dat zij officieele stukken voor den president bevatte. Hij wachtte een week op antwoord en zond toen iemand, die de boodschap bracht, dat de heer De Staal nooit den heer Tcheraz zou ontvangen. De laatste had aan baron De Staal meegedeeld dat Gortchakoff, den 9en April 1878 aan lord Salisbury schrijvende, geconstateerd had, dat het keizerlijke kabinet "altijd voor oogen heeft gehouden de taak het door de geschiedenis opgelegd, om het Christendom te bevorderen zonder onderscheid van ras of kerkgenootschap." Tcheraz is door een gedelegeerde verwittigd, dat baron De Staal het verzoekschrift zelfs niet aan zijn collega's genoemd heeft. In de petitie worden nieuwe Armenische gruwelen onthuld. Hij heeft geschreven aan elken gedelegeerde en beleefde antwoorden van verschillende hunner ontvangen."

"De Sultan heeft een protest gezonden aan den Hollandschen gezant te Konstantinopel over de tegenwoordigheid van den heer Tcheraz en Jong-Turken te 's-Gravenhage en biedt een gunstige regeling aan, van de Mohammodaansche moeilijkheden in Java in ruil voor hun uitzetting buiten Nederland. De chef der politie van den Sultan, Ahmed Pacha Djellaledin is op weg naar Den Haag."

"De heer Tcheraz zeide, over zijn zending sprekende; "Het is toch wel goed, dit eens te zeggen, om aan Europa te toonen, dat wij lijden."

Colofon