Algemeen Handelsblad, 25 juni 1904
Bron: Koninklijke Bibliotheek

Buitenlands overzicht

Het schijnt onjuist te zijn, dat de Engelsche gezant te Konstantinopel de Porte met een vlootdemonstratie heeft bedreigd, indien niet spoedig verandering in den toestand der Armeniërs wordt gebracht. Wel is de Engelsche gezant krasser opgetreden dan die van Rusland en Frankrijk; doch voordat Sir Nicholas O' Connor met bedreigingen zal optreden wil hij eerst de berichten der Engelsche consuls in Armenië afwachten. Deze hebben de opdracht nauwkeurige mededeelingen in te zenden, over het verloop van de onlusten en over de houding der Koerden tegenover de Armeniërs.

De Vali van Bitlis meldt, dat een Armenische bende in de vlakte van Moesj met de troepen in gevecht raakte, waarbij elf Armeniërs werden in hechtenis genomen.

In een ander gevecht werd de geheele bende, elf man sterk,, gevangen genomen; en in het plaatsje Tsjelhur, bij Bitlis, werden oproerige geschriften, wapens en ammunitie, alsmede een vaandel door de troepen in beslag genomen.

Het blijkt hier uit, dat de Turksche troepen, ondanks de beloften der Porte, voortgaan de Armeniërs te vervolgen en te dooden.

Colofon