Algemeen Handelsblad, 16 juli 1904
Bron: Koninklijke Bibliotheek

Buitenlands overzicht

In het vredesverdrag van San Stefano werd, in artikel 16 bepaald: "dat Turkije onverwijld de door de plaatselijke omstandigheden geëeischte verbeteringen en veranderingen in het door de Armeniërs bewoonde gebied zal invoeren en hun veiligheid tegenover Koerden en Circassiërs zal waarborgen".

Deze bepaling werd overgenomen in het verdrag van Berlijn van 13 Juli 1878, met de toevoeging: "De Porte zal van tijd tot tijd aan de mogendheden mededeeling doen van de ondernomen stappen".

Zelden is een bepaling meer "een papieren bepaling" gebleven dan deze. De Porte heeft geen enkele verbetering ingevoerd, heeft geen enkele mededeeling gedaan, en de mogendheden hebben zich noch om artikel 16 van het verdrag van San Stefano, noch om artikel 61 van het Berlijnsche verdrag bekommerd.

De Koerden, voor wie de Armeniërs beschermd zouden worden, plunderen voor en na de Armenische dorpen, vermoorden de mannelijke bewoners, rooven de vrouwen en laten de kinderen hulpeloos aan hun lot over, zoo zij ze niet doodslaan.

En die toestand is in de kwart eeuw, die ons van de Berlijnsche conferentie scheidt, onveranderd gebleven.

De Koerden, – een iranische stam die de Perzische taal spreekt, en over het geheele Armenische gebied verspreid is, deels als gezeten inwoners, deels als nomaden levend, – storen zich niet aan Turksche wetten en autoriteiten. Zij gehoorzamen hun eigen Aga's en Sheik's, en in de vilayets waar zij de meerderheid hebben zijn zij de heerschers. De Armeniërs buigen zich voor de Koerdenheerschappij, betalen schatting, en worden door hunne onderdrukkers overvallen en uitgemoord.

De Turksche regeering heeft – indachtig aan de goede diensten door den strooper bewezen toen hij koddebeier of jachtopziener geworden was – gepoogd van die Koerden kozakken te maken; maar zonder succes. De Hamidieh-regimenten bestaan op papier, maar in de werkelijkheid niet; paarden, wapens en uniformen namen de Koerden gaarne aan, maar de Turksche officieren, die tot de regimenten behooren, wonen in de steden, en hebben gegronde redenen om hun escadrons of sotnies maar nooit bij elkaar te roepen.

Deze historische inleiding is noodig om een goed overzicht te krijgen van wat de Ameniërs te lijden hebben. De Aga's klagen dat de Armeniërs hun "belasting niet betaald hebben", en de Hamidieh-regimenten gaan dan uit om die Armeniërs te straffen...

Het is niet te verwonderen, dat een telegram uit Konstantinopel meldt: De toestand in Macedonië moge ernstig zijn, de Regeering is ontzettend bezorgd over de gebeurtenissen in Armenië. Want de Armeniërs schijnen, naar het voorbeeld der Macedoniërs, de onderdrukking moede te zijn en een grooten opstand voor te bereiden. Het blijkt, dat de dreigbrieven niet door de politie gemaakt zijn, maar werkelijk van het comité in Hintsjak afkomstig zijn. Te Konstantinopel zijn Armenische zendelingen aangekomen, en men vreest dat zij ondanks alle voorzorgsmaatregelen ontplofbare stoffen hebben binnengesmokkeld.

Bovendien is in Konstantinopel een opmerkelijke vreemdelingenhaat aan 't opkomen, wat ook al niet te verwonderen is. Want de vreemdelingen zijn toch eigenlijk de schuld van al die soesah met Macedoniërs en Armeniërs. Zonder de bemoeiing van de vreemdelingen zou de Porte allang in Macedonië en Armenië met de "opstandelingen" zijn klaar gekomen. Wel is waar zonder rekening te houden met wat men in West-Europa verstaat onder "humaniteit" – maar wat hebben Turken nu met humaniteit te maken.

De humaniteit-predikende mogendheden, die al sedert 1878 toezicht moeten houden op de hervormingen, in het belang van de Macedoniërs en Armeniërs, hebben immers die "menschlievende" taak ook maar stil laten rusten.

Maar de toestand in Armenië schijnt thans van dien aard te zijn, dat langer onthouding van de zijde der mogendheden, die zich bij het verdrag van Berlijn plechtig verbonden hebben om voor de belangen der ongelukkige Armeniërs te waken, misdaad zijn zou.

Armenië zucht, niet minder dan Macedonië, om een krachtige bescherming tegen Turksche lakschheid en Koerdische moordzucht.

Maar de mogendheden hebben nog zooveel andere dingen te doen!

Colofon