Terug naar vorige pagina 

Trouw, 6 oktober 2006
Bron: Trouw

CDA-kamerlid Cörüz: Nú praten over genocide
Door Eildert Mulder

CDA-kamerlid Coskun Cörüz wil binnen de Nederlandse samenleving een debat op gang brengen over de Armeense genocide. Uitgangspunt daarbij is de door de hele Tweede Kamer gesteunde motie van de ChristenUnie van 2004, die de massamoorden op de Armeniërs in 1915 een genocide noemt. Cörüz: "De regering heeft die motie overgenomen en het Europese parlement ook. Tot nu toe zijn we bezig geweest in politieke gremia maar nu is de tijd om de discussie met het publiek aan te gaan. De vertaalslag naar beneden moet er nu komen."

Cörüz, zelf van Turkse komaf, heeft bij het tumult over de Armeense genocide in de afgelopen drie weken zijn mond niet opengedaan. Maar tegen Trouw laat hij er geen twijfel over bestaan dat hij volledig achter de motie van de ChristenUnie staat. Hij is bereid die motie ook te verdedigen tegenover de felste tegenstanders binnen de Turkse gemeenschap, zoals de nationalistische Grijze Wolven.

Hij voorspelt een "heikele discussie". Doel daarvan moet zijn dat de Turkse gemeenschap in Nederland de motie van 2004 "verinnerlijkt".

Cörüz is optimistisch over de mogelijkheid om ook felle tegenstanders te overtuigen en wijst op eerdere debatten over onderwerpen, die beladen waren met taboes, zoals eerwraak.

Cörüz: "Ook daar kwam je allerlei taboes en vormen van ontkenning tegen. Er werd gezegd dat eerwraak niet bestond omdat de godsdienst daartegen is. Maar het speelde natuurlijk wel. Het was moeilijk om moskeeën erbij te betrekken want dan leek het alsof de godsdienst de schuld kreeg. Het kan soms lang duren maar dan staat iets ineens toch op de agenda. Vorig jaar werd een actieplan tegen eerwraak gepresenteerd in Nieuwspoort, met allerlei concrete voorstellen. Alle Diyanetmoskeeën en allerlei andere organisaties waren aanwezig."

Op een vergelijkbare manier wil Cörüz het debat over de Armeense genocide laten voeren, tussen Armeniërs en Turken maar ook tussen Turken onderling. Het einddoel staat voor wat hem betreft vast: maatschappelijke aanvaarding van de anti-genocide-motie van 2004.

De ChristenUnie kwam in juni met een initiatiefwetsvoorstel, dat een celstraf van maximaal één jaar stelt op de beledigende ontkenning van genocide. Het wetsvoorstel richt zich ook op het ontkennen van wat er in 1915 met de Armeniërs is gebeurd. Voorwaarde voor strafbaarstelling is wel dat genocideontkenners aanzetten tot haat, of weten dat mensen worden gekrenkt. Wie dat regelmatig doet, kan voor twee jaar de cel in.