Terug naar vorige pagina
Trouw, 14 juli 1995
Bron: Trouw
Armenië verdient voordeel van de twijfel
Door A. Apostolou
Eind december vorig jaar werd de ARFD (Armeense revolutionaire federatie Dasjnaktsoetion) door de Armeense president voor zes maanden geschorst, tot een week na de parlementsverkiezingen, omdat ze betrokken zou zijn bij politieke moorden, georganiseerde misdaad, drugshandel en terrorisme. Het Hooggerechtshof ging akkoord met de schorsing, niet echter op grond van de beschuldiging van misdaden maar omdat de organisatie in haar bestuur Armeniërs uit de diaspora had opgenomen die een andere nationaliteit bezitten, wat tegen de wet is. Twee verschillende motiveringen dus, en vandaar de kritiek van de internationale delegatie van waarnemers.
Het daadwerkelijk motief voor de schorsing was de doelbewuste uitschakeling van de ARFD, waarmee de Armeense president de oppositie verzwakte en de media monopoliseerde. De krant van de ARFD vormde, met een oplage van 45.000, een redelijk tegenwicht tegen staatskrant en staats-tv, overblijfselen van het voormalige Sovjetsysteem.
De partij, die sinds haar oprichting in 1890 het idee van een onafhankelijk Armenië onder de Armeniërs levend heeft gehouden en voor korte tijd zelfs heeft gerealiseerd, heeft nu nog vooral in de Armeense diaspora grote aanhang. Onverteerbaar blijft voor haar het feit dat de Turkse staat de Armeense genocide van 1915, waarbij meer dan anderhalf miljoen Armeniërs werden vermoord, niet heeft willen erkennen.
Zoals te verwachten was, werden de verkiezingen gewonnen door de Pan-Armeense nationale beweging, de partij van president Ter-Petrosian, die samen met nog vijf andere partijen het republikeinse blok vormden. De centrale verkiezingscommissie werd overheerst door regeringsgezinde personen en wees verschillende kandidaten op onduidelijke gronden af. Dat leidde tot meer dan 1090 klachten waarover nog door de rechter uitspraak moet worden gedan. De uitsluiting van de ARFD en nog enkele oppositiepartijen werd enigszins gecompenseerd door het electorale systeem dat twee lijsten van kandidaten kende. De ene lijst betrof onafhankelijke kandidaten die volgens een meerderheidssysteem per regio werden gekozen, de anderen werden gekozen via een lijst van partijen volgens het evenredigheidssysteem. Leden van de geschorste oppositiepartijen konden meedoen via de eerste lijst.
De kritiek op de gang van zaken bij de verkiezingen neemt niet weg dat Armenie met de aanvaarding van de nieuwe grondwet en de verkiezing van een nieuw parlement via een meer-partijensysteem, afstand heeft genomen van het voormalige Sovjetsysteem en een nieuwe periode van parlementaire democratie is ingegaan.
De afgelopen vier jaar zijn voor Armenië zeer moeijk geweest. Het conflict rond Nagorno Karabach, de aardbeving in 1988, de instabiliteit in het naburige Georgië, het economisch embargo door Azerbajdzjan en Turkije en de chaos die ontstaan is bij de ineenstorting van de Sovjet-Unie hebben de economie van Armenië verwoest. Veel Armeniërs zijn geëmigreerd naar Rusland of naar andere landen, op zoek naar werk en een betere tekomst. In het noorden van Armenië, dat getroffen is door de aardbeving, heerst grote ontevredenheid, zich uitend in apathie en desinteresse in de politiek. Minder dan vijftig procent nam er deel aan de verkiezingen.
Voor de burgers van Armenië in het algemeen maakt het geen verschil wie er aan de macht is. Zij hebben te kampen met gebrek aan werk, voedsel en energie. Elektriciteit is er slechts enkele uren per dag of helemaal niet, bedrijven zijn gesloten, en als de spoorlijn vanuit Georgië niet functioneert – en dat is vaak het geval – is er geen toevoer van materialen.
Verbetering
Toch is er sprake van enige verbetering. Sinds een jaar geldt een staakt het vuren rondom Nagorno-Karabach, de inflatie is drastisch gedaald en de kerncentrale die Armenië voorzag van energie, is opnieuw in werking gesteld. Een stabiele regering zou dit beleid kunnen voortzetten en de economische vooruitzichten blijken hoopgevend te zijn.
In de contacten van de delegaties van waarnemers met verschillende politieke partijen en met leden van de Armeense regering overheerste optimisme over de toekomst. Vaak werd in de gesprekken benadrukt dat deze verkiezingen een eerste stap naar volledige democratie vormen. De minister van buitenlandse zaken Papazian karakteriseerde Armenië tijdens onze ontmoeting als een "betrekkelijk democratische" staat. Deze kleine staat in de Transkaukasus verdient aanmoediging en steun van de internationale gemeenschap, zodat hij zowel economisch als politiek het hoofd boven water weet te houden.
Armenië wordt omgeven door het land onwelgezinde landen. Niet alleen de eeuwenoude conflicten met Turkije en Azerbajdzjan maar ook de religieuze tegenstelling tussen het christelijk Armenië en de moslimlanden in de omgeving (Iran, Turkije, Azerbajdzjan) plaatsen dit land in een bijzonder isolement. Zonder een vredesregeling over Nagorno Karabach en zonder een stabiele relatie met Turkije en Iran zal Armenië onrustig blijven en zal de weg naar economische vooruitgang stagneren.
De huidige machthebbers in Armenië verdienen het voordeel van de twijfel. Het land moet uit het economisch moeras komen en democratische instituties dienen met geduld te worden opgebouwd. Dat vergt tijd en die moet de Armeniërs worden gegund. Een kritische dialoog met de internationale democratische gemeenschap is geboden.
Het is aan het nieuw gekozen parlement en de te vormen regering om zo snel mogelijk alle oppositiepartijen tot het actieve politieke leven toe te laten en de overblijfselen van de Sovjettijd zo snel mogelijk achter zich te laten. Een vrije pers en het recht op vereniging zijn immers de basis voor een democratische samenleving.
De auteur is Tweede-Kamerlid voor de PvdA en was waarnemer bij de verkiezingen in Armenië.