Terug naar vorige pagina 

Leeuwarder Courant, 3 december 1979
Bron: Digitaal Archief Noord-Nederland

Paaps en Turks
Commentaar

PAUS JOHANNES Paulus II heeft zijn bezoek aan Turkije het belangrijkste van zijn pontificaat genoemd. Dat is opmerkelijk, omdat het het tegendeel is geworden van de triomftochten die hij door Mexico, Polen, Ierland en de VS heeft gehouden. Deze reis leek niet veel meer dan een werkbezoek in een kille, bijna vijandige sfeer. Het was een bezoek aan het front tussen het Christendom en een Islam in beroering en opstand. Het heeft zichtbaar gemaakt dat het Christendom een minderheid wordt in de wereld.

De paus heeft een bezoek gebracht aan het mausoleum van de stichter van de moderne Turkse staat Kemal Ataturk. Dat was een eerbewijs aan een man die het Christendom in Turkije heeft teruggebracht tot een machteloze, verdwijnende minderheid, de patriarch van Konstantinopel uit Istanboel wilde verbannen en de Griekse christenen uit hun oergemeenten in Klein-Azië wilde verdrijven. Hij moest zwijgen over de Armeniërs, tegen wie de Turken in 1915 volkenmoord hebben bedreven en over de huidige terreur in Turkije.

De paus mocht alleen als toerist komen in de Hagia Sofia, hoofdkerk van het oosterse Christendom, in 1453 na de verovering van Konstantinopel door de Turken in een moskee veranderd en sinds 1923 een museum. In deze kerk heeft de afgezant van de paus van Rome in 1054 de banbul tegen de patriarch van Konstantinopel op het altaar gelegd: het begin van het Grote Schisma, de scheuring tussen de kerken van het Westen en Oosten. De paus mocht in de Hagia Sofia niet neerknielen zoals Paulus VI in '67 had gedaan, dat zou als een belediging van de Islam zijn opgevat. Hij mocht in deze historische ruimte zelfs geen kruis slaan.

De paus moest ook zwijgen over de gijzeling in Teheran in naam van het islamitisch reveil en Allah. De plaatsbekleder van Allah op aarde, Khomeihy, had tevoren Christus' plaatsbekleder op aarde, "meneer de paus" het recht ontzegd, op te komen voor de gegijzelde Amerikanen, omdat het Vaticaan zich volgens hem nimmer heeft gekeerd tegen de tirannie van de Sjah, die duizenden slachtoffers heeft gemaakt. De Turkse kranten schreven tijdens het bezoek van paus Woytyia opvallend veel over de schanddaden die de christelijke kruisvaarders in de Middeleeuwen met de zegen van de voorgangers van deze paus hebben bedreven in de wereld van de Islam.

Johannes Paulus II moest er zich toe beperken eraan te herinneren dat Abraham de gemeenschappelijke vader was van de joodse, christelijke en islamitische gelovigen. Hij kon verder verkondigen dat Islam, Jodendom en Christendom in één almachtige rechtvaardige en barmhartige God geloven en dat de Islam Jezus als een van haar grote profeten vereert en met hem zijn moeder Maria. Maar de paus moest zwijgen over de onderdrukking en vervolging door de Islam van de nog 100.000 Christenen die er op een bevolking van 42 miljoen zijn overgebleven.

Het uitsterven van het Christendom in Turkije lijkt nog slechts een kwestie van tijd. De patriarch van Konstantinopel, onder wie een paar miljoen van de bijna 200 miljoen oosters-orthodoxe Christenen in de wereld ressorteren, is nog slechts een symbolisch hoofd van "het tweede Rome". De paus, die hereniging van de kerken van Rome en Konstantinopel tegen het jaar 2000 nastreeft, zal dit moeten realiseren met veertien autonome Orthodoxe Kerken in Oost-Europa, waarbij de Russisch-Orthodoxe Kerk onder "het derde Rome", Moskou, wel eens het voornaamste struikelblok zou kunnen vormen.

De paus is naar Turkije gereisd om er de feestdag te vieren van de apostel Andreas, broer van Petrus, als wiens opvolger hij zichzelf beschouwt. Hij is naar Efeze gegaan, waar in 451 een concilie Maria tot Moeder Gods heeft verklaard om er de grotere betekenis van de Maria-verering voor de kerken van Rome en het Oosten te onderstrepen. Hij heeft aangekondigd de aartsbisschop bisschop van Canterbury te willen ontmoeten als hoofd van de Anglikaanse Kerken, die ook eenheid met de Oosters-Orthodoxe Kerken zoeken. Met dit alles dreigt de paus zich te verwijderen van de kerken der Reformatie in het Westen. Maar het is juist de Reformatie die Rome en de paus de wezenlijke. want bijbelse. vragen stelt aangaande haar wezen en roeping. volmacht en onmacht. herkomst en toekomst.