Terug naar vorige pagina
Leeuwarder Courant, 26 juni 1978
Bron: Digitaal Archief Noord-Nederland
Armeense patriarch: "Ook niet-gelovige Armeniërs bezoeken kerk"
De Armeense Kerk is niet alleen een
godsdienstig centrum, zij is ook een
nationaal tehuis. Daarom komen ook
bijvoorbeeld niet-gelovigen in de kerk.
Dit heeft de Armeense patriarch Vasgen I
tijdens een persconferentie in
Genève verklaard. Patriarch Vasgen
gaf een persconferentie aan het einde
van zijn bezoek aan de Wereldraad van
Kerken, van welke raad zijn kerk ook
lid is.
De zetel van het patriarchaat van de
Armeense Kerk is sinds haar stichting
in 301 in Etsjmiatsin in de Sowjet-
Russische republiek Armenië. Van de
zeven miljoen Armeniërs leven er nog
drie miljoen in Armenië en andere delen
van de Sowjet-Unie. de overige vier
miljoen leven sinds de vijfde eeuw in
de verstrooiing. Na de Eerste wereldoorlog
werden meer dan een miljoen
Armeniërs in Turkije op
beestachtige wijze afgeslacht: het was de eerste grote
volkenmoord
Het patriarchaat van Etsjmiatsin is de
zetel van alle Armeense christenen.
Jerevan, de hoofdstad van Armenië,
is het hart van de kerk: alle bisschoppen
waar zij ook vandaan komen, moeten in
Jerevan worden gewijd. Maar Jerevan
is ook het hart van het Armeense volk,
dat in zijn situatie vergeleken kan
worden met het Joodse volk.
De Armeense Kerk heeft een dubbel
karakter, aldus de patriarch: enerzijds
is zij een godsdienstig centrum, anderzijds
een nationaal tehuis. Patriarch
Vasgen antwoordde op vragen van
journalisten over de
godsdienstvrijheid, dat alles "normaal" is:
de godsdienstvrijheid is in de grondwet gegarandeerd
en men houdt zich eraan, de
eredienst is toegestaan, de diensten
worden zeer goed bezocht, de Armeense
kerk beschikt over een eigen drukkerij,
die godsdienstige lectuur uitgeeft en de
betrekkingen met de overheid zijn
goed, aldus patriarch Vasgen.
Dat niet alles rozegeur en
maneschijn is, bleek uit het verslag
van Vasgen, dat er in Jerevan met een miljoen
inwoners, van wie 90 tot 95
procent praktizerend, maar drie kerken
zijn. Vóór de revolutie waren er vijf
kerken voor de toen 25.000 inwoners.