Terug naar vorige pagina 

Leeuwarder Courant, 24 december 1979
Bron: Digitaal Archief Noord-Nederland

Armeense zaak: wraak of strijd zelfstandigheid?
Redactie buitenland

ISTANBOEL - Steeds veelvuldiger worden de laatste maanden de aanslagen op Turkse diplomaten of hun familie en op kantoren van de Turkse luchtvaartmaatschappij, die worden geclaimd door Armeense organisaties. Mag men de daders geloven, dan opereren er twee naast elkaar: het Armeense Commando ter Gerechtigheid voor de Genocide (Turkse kranten vertalen het met "wraak-commando") dat diplomaten neerschiet, als laatste de chef van het Turkse toeristenbureau in Parijs zaterdagmorgen, en het Armeense Bevrijdingsfront dat, tot nu toe zonder doden, bommen plaatst in kantoren van de Turkse luchtvaartmaatschappij TAL, afgelopen zaterdagmorgen in Amsterdam.

In het centrum van Rome ontploften gisteren drie bommen, waarbij zware schade werd toegebracht aan een kantoor van de luchtvaartmaatschappij Air France. De andere explosies waren bij een kantoor van de Amerikaanse luchtvaartmaatschappij TWA en in de trappenhal van een pension. Het "Armeense Bevrijdingsfront" zei verantwoordelijk te zijn voor de aanslag. In Keulen werd gisteren een bomaanslag gepleegd op het gebouw van een Turkse organisatie. Een 36-jarige Turkse gebedsvoorganger werd hierbij ernstig gewond. Voor deze aanslag heeft zich nog geen organisatie verantwoordelijk gesteld.

"We worden van binnen en van buiten bestookt", luidde gisteren een kop op de voorpagina van het Turkse boulevardblad Gunaydin. De woede over de systematischer wordende gewelddadigheid tegen Turken in het buitenland wordt vanzelfsprekend steeds groter waarbij men in aanmerking moet nemen dat ook het terrorisme in het binnenland steeds vaker aan buitenlandse machten wordt toegeschreven.

Het feit dat na de eerste aanslag op twee consuls in Los Angeles in 1971 – waarvoor een plaatselijke Armeense grijsaard werd veroordeeld – geen van daders is gegrepen, sterkt allerlei commentatoren in hun mening dat er meer gaande is dan een Armeense wraakactie. Griekscyprioten en Griekse-Amerikanen moeten er achter zitten en liefst ook zionisten en andere machtige groepen die contact hebben met de mafia.

Een Turkse diplomatieke post te bekleden lijkt langzamerhand inderdaad nog wat riskanter te zijn dan een Amerikaanse, zelfs in Teheran. De bekende Turkse hoogleraar in het staatsrecht Mumtaz Soysal, voorzitter van de Turkse afdeling van Amnesty International, schreef hierover onlangs op sarcastische wijze in zijn rubriek in het dagblad Milliyet, onder de titel "Met twee maten". Hij vroeg zich af waarom het Westen, terwijl het moord en brand schreeuwt over de gijzeling van het Amerikaanse ambassadepersoneel in Teheran (die Soysal overigens ook veroordeelde) zich zo weinig druk maakt over de opeenvolgende moorden, elf nu al, op Turks diplomatiek personeel en familie (hij spreekt van "bijna genocide"). Ze zijn doorgaans slechts aanleiding tot het uitvoerig memoreren van gebeurtenissen uit het Ottomaanse rijk. "Het is of men zoekt naar een rechtvaardiging voor deze daden".

Kunstmatig
En Soysals gedachtenvlucht gaat dan verder: Autoriteiten in West-Duitsland, Zweden en Nederland beseffen vandaag de dag volledig dat het zogenaamde "probleem van de Syrische christenen" een kunstmatige zaak is, geschapen door diegenen uit het zuidoosten van Turkije die proberen zich voor "politieke vluchtelingen" te doen doorgaan en daardoor de barrière te doorbreken die deze landen tegen emigrerende arbeiders hebben opgeworpen. Kort gezegd: hoewel die autoriteiten zich eerst lieten foppen, realiseren ze zich nu wat er aan de hand is

Zou er soms een directe schakel zijn tussen deze problemen en de bescheiden rebellie van de kant van Turkije tegen het Westen, het volgen van een eigen politiek en het aangaan van hechtere betrekkingen met de armere landen op de wereld? Aldus nog steeds Soysal, die in zijn verwerping van westerse invloeden de laatste tijd zo ver gaat dat hij een regeringscoalitie tussen Ecevits sociaal-democraten en de strikt islamitische pro-Arabische partij van Nationaal Behoud bepleit. En hij eindigt met de verzuchting dat ook de paus bij zijn recente bezoek aan dit land best wat had mogen zeggen over "het toonbeeld van religieuze tolerantie" dat het door de eeuwen heen is geweest.

Een andere veel minder verongelijkte toon vond men in een commentaar in het serieuze Engelstalige weekblad Briefing, dat in Ankara verschijnt, na de aanslag vorig jaar in Madrid waarbij de echtgenote zwager en chauffeur van de Turkse ambassadeur omkwamen. "Deze gangsters willen geen Groot-Armenië, ze willen wraak zoals ze steeds betuigen, wraak voor misdaden die zestig jaar geleden zijn begaan. De Ottomaanse daders van de Armeense slachtingen zijn allang dood."

"In de jaren zeventig is het even pervers ambassadeurs van de Turkse republiek te kiezen als geschikte slachtoffers van berechting van deze misdaden als het zou zijn om Sowjet-diplomaten neer te maaien als boetedoening voor de half miljoen personen van Turkse afkomst die zijn vermoord onder het keizerlijk Russische regime in dezelfde periode, wat dat betreft, Amerikaanse en Australische vertegenwoordigers aan te vallen als wraak voor de genocide op indianen en de poging tot uitroeiing van de Aborigines. De lijst van gruweldaden in de analen van de geschiedenis is eindeloos", aldus Briefing.

Turkse schuld
Dit Engelstalige commentaar is in zoverre een uitzondering, dat hier openlijk over slachtingen wordt gesproken, bedreven door de Turken in de Ottomaanse tijd. Want dat is iets wat in de Turkse pers net als in het onderwijs nu juist nog steeds uit de weg wordt gegaan. Voorzover de moderne Turk wordt geconfronteerd met deze problematiek, wordt hem ingeprent dat Armeniërs, opgezweept door buitenlandse machten en ondankbaar voor de tolerantie die hun eeuwenlang is betoond, in opstand kwamen en met geweldpleging begonnen.

Anders dan de Duitsers na de jodenmoord, anders ook wel dan de Amerikanen na wat ze de indianen aandeden, hebben de Turken zich, ook al zouden ze een verontschuldiging kunnen vinden in het andere regime dat toen heerste, nooit serieus verdiept in de documentatie en in de schuldvraag waarom de genocide op Armeniërs. Door het woord "genocide" in haar naam op te nemen, is een van de moordorganisaties er nu in geslaagd dit ook in de Turkse pers geregeld gedrukt te krijgen, wat ongetwijfeld een van haar voornaamste oogmerken was. Maar daarmee komt de Turkse "bewustwording" van wat er eerder deze eeuw is gebeurd natuurlijk geen stap dichterbij. Integendeel, het versterkt hen in de ingegoten zekerheid dat de Armeniërs indertijd met geweld "begonnen" zijn. Ze "eindigen" er immers ook mee?